Discussieren kun je leren

Discussiëren

Ontstaansgeschiedenis

DKJL ontwikkelde directeur en initiatiefnemer Chantal Deken in de praktijk na de aanslagen op het WTC en de moord op Theo van Gogh. 

Chantal studeerde onderwijskunde aan de UvA en werkte als leerkracht in de Spaarndammerbuurt in Amsterdam West. Haar leerlingen voerden dagelijks discussie's die regelmatig escaleerden op het schoolplein.

 

"Ik kon brandjes blussen. Een preek of een belerend vingertje werkten niet. Mijn leerlingen hadden bovendien veel vragen over de actualiteit. Vaak wist ik zelf ook het antwoord niet." In haar klas zaten 22 leerlingen met vijftien uiteenlopende nationaliteiten en minstens zoveel meningen. Chantal: "Zo'n politicus als Geert Wilders hadden ze nog nooit gezien. 'Juf, zoiets mag hij toch niet zeggen?!' vroegen ze. Dat hij een film (Fitna) wilde maken, vonden zij een slecht idee. Dus we schreven brieven aan Wilders om hem te adviseren".

 

Ondanks het advies van collega's om het gesprek uit de weg te gaan, wilde Chantal met lessen Discussiëren Kun Je Leren een kritische denkhouding en een oplossingsgerichte houding stimuleren. "Voor het verbeteren van de kwaliteit van het gesprek voelden mijn leerlingen  de noodzaak om zich beter en genuanceerder uit te drukken. Het versterken van de mondelinge taal kreeg toen maar weinig aandacht in het curriculum. Net als burgerschap. Met onze brieven aan Wilders bereikten we het NOS Jeugdjournaal. Met toemalig burgemeester Job Cohen gingen we om de tafel en bespraken we het 'hangjongerenprobleem'." Burgerschap werd concreet, betekenisvol en leuk!

 

"Over het boerkaverbod spraken we met een knipoog en relativeringsvermogen. We discussiërden in rol." Toen Chantal merkte dat leerlingen beter naar elkaar luisterden, elkaar lieten uitpraten, de sfeer in de klas beter werd en ieder onderwerp bespreekbaar, is in mei 2007 Stichting Discussiëren Kun Je Leren opgericht met als doel om de tolerantie tussen leerlingen (en leerkracht) te bevorderen. Een verschil van mening werd interessant.

 

Nu.

 

DKJL gaat nog steeds uit van de gedachte dat leren discussiëren leuk en belangrijk is voor kinderen en jongeren. Wat DKJL raakt is dat volwassenen 'lastige' thema's mijden en dat terwijl bij kinderen en jongeren de behoefte om gehoord te worden groter is dan ooit.

 

 

Waarom 'discussiëren' kun je leren? En geen 'debatteren' of 'dialoog'?

 

Wij voeren dagelijks discussie's over allerlei zaken. Een gevolg van een discussie die excaleert is ruzie. Dat willen we voorkomen. Discussiëren Kun Je Leren spreekt kinderen aan, omdat het rijmt, maar ook omdat ze het nut ervan inzien: 'Soms is het een beetje dissen, maar altijd met respect.'
 
De D van 'DKJL' staat voor 'discussie', 'debat' en 'dialoog'. In de lessen leggen we uit wat het verschil is.
Afhankelijk van de inhoud van het programma kiezen we voor de discussie, het debat of de dialoog.
We zoeken naar contact, verbinding en een gemeenschappelijke deler.